In ons boek ‘Tuinen vol leven. Tuinieren met wilde planten’ noemen we een tiental planten die eigenlijk altijd toepasbaar zijn in de tuin, de geveltuin of plantenbak. De omstandigheden zullen niet altijd optimaal zijn, de keuze kan ook makkelijk uitgebreid worden, of gewijzigd… het is mijn keuze…

Wilde margriet, Leucanthemum vulgare

Het leuke van deze planten is dat ze meestal lang bloeien of weer opnieuw beginnen als je ze kort snoeit of maait. Sommige kunnen dit vaker verdragen en gewoon weer opnieuw gaan bloeien. Meestal wat kleiner dan normaal, maar toch doen ze het. Zeker voor bestuivers die ze graag bezoeken is dat een voordeel. Veel insecten leven maar kort. Door de bloei te verlengen kunnen meerdere generaties en ook andere soorten profiteren van deze planten.

Voor insectenlarven die afhankelijk zijn van het bladgroen is maaien of snoeien natuurlijk niet leuk. Snoei of maai daarom nooit alles maar laat een paar over.

De volgorde is willekeurig Daarom zijn ze allemaal nummer 1 geworden.

  1. Wilde marjolein (Origanum vulgare) Bloeit en groeit graag in de zon. snijbloem, keukenkruid (oregano), trekt enorm veel insecten. Bloeit na snoeien steeds opnieuw.
Wilde marjolein, Origanum vulgare
  1. Prachtklokje (Campanula persicifolia) Bloeit ook weer opnieuwals je de uitgebloeide bloemen er uit haalt. Enorm veel insecten waaronder de klokjesbijen. Kan in de zon maar ook prima in de halfschaduw. Bloeit meestal blauw maar ook wit. Dat is een normaal verschijnsel bij veel plantensoorten.
Prachtklokje, Campanula persicifolia
  1. Knoopkruid (Centaurea jacea). Bloeit van juni tot de vorst, zeker als je hem steeds snoeit of maait. Trekt ook heel veel insecten. Volle zon, je vindt hem ook veel in wegbermen en op rivierdijken.
Knoopkruid, Centaurea jacea
  1. Beemdooievaarsbek (Geranium pratense) Heeft een wat kortere bloeitijd maar is onovertroffen mooi (vind ik). Gaat soms in de nazomer opnieuw bloeien. Er zijn zuidelijke geraniums die er sprekend op lijken en langer doorbloeien. Insectentrekker.
Beemdooievaarsbek, Geranium pratense
  1. Gevlekte dovenetel (Lamium maculatum). Bloeit vanaf maart tot ver in de zomer. Als het heel heet en droog is lijkt hij te verdwijnen, maar als het weer koeler wordt gaat ie er weer helemaal tegenaan. In zachte winters zelfs de hele winter door. Is een hommelmagneet, maar ook andere bijen zijn er gek op. Groeit het liefst in de halfschaduw en niet al te droog.
Gevlekte dovenetel, Lamium maculatum
  1. Beemdkroon (Knautia arvensis). Bloeit de hele zomer, trekt veel insecten. Groeit in grazige weilanden maar in de tuin doet ie het ook prima.
Beemdkroon, Knautia arvensis
  1. Gewone margriet (Leucanthemum vulgare) Deze plant groeit tegenwoordig overal langs wegen. Kan soms massaal groeien op plekken waar landbouwgrond wordt omgezet naar natuur. Het is een relatief kort levende plant, maar zaait zich goed uit op kale grond. Insecten trekker.
Wilde margriet, Leucanthemum vulgare
  1. Muskuskaasjeskruid (Malva moschata) Ook een bermplant. In de zomer zijn sommige bermen en dijken helemaal roze gekleurd. Met hier en daar een witbloeiende plant er tussen. Kan goed tegen snoeien en trekt veel insecten
Muskuskaasjeskruid Malva moschata
  1. Lange ereprijs (Veronica longifolia) Lange ereprijs staat in het wild wat meer in de halfschaduw en niet te droog langs beken en rivieren, maar doet het in de tuin ook uitstekend. Zaait zich op de meest gekke plekken uit. Ook een insectentrekker zoals hier een distelvlinder
Lange ereprijs, Veronica longifolia
  1. Ruige leeuwentand (Leontodon hispidus). Gaat na de paardenbloemen bloeien en bloeit dan door tot diep in de herfst. Kan prima tegen maaien maar ook als je hem met rust laat gaat ie gewoon door. Trekt ook heel veel insectensoorten net zoals de paardenbloem.
Ruige leeuwentand, Leontodon hispidus